Je kind begrijpen6 minuten lezen

Mijn kind luistert niet — hoe komt dat?

Je vraagt het drie keer. Bij de vierde keer word je harder. En bij de vijfde keer luistert hij — maar niet op de manier die je had gewild.

“Mijn kind luistert niet” is een van de meest gezochte zinnen van ouders. En het is bijna nooit een probleem van gehoor of van onwil.

Wat er meestal aan de hand is

Kinderen zijn slecht in overgangen. Wat jij ervaart als “stop nu met spelen en trek je jas aan”, is voor hen een verzoek om iets fijns abrupt af te breken en over te schakelen naar iets wat niets oplevert.

Een volwassene doet dat ook niet graag. Het verschil is dat jij hebt geleerd hoe je jezelf ergens toe zet. Dat vermogen is bij jonge kinderen simpelweg nog niet af.

“Ik wil niet” betekent vaak: ik weet niet hoe ik moet stoppen met wat ik doe.

Probeer het zelf

Wat je kind zegt, en wat het bedoelt

Klik op een zin die je herkent.

Wat er onder zit

Ik weet niet hoe ik moet stoppen met wat ik doe.

Overschakelen van iets fijns naar iets wat moet, vraagt om een vaardigheid die nog in ontwikkeling is. Aankondigen in handelingen helpt: "nog twee keer glijden, dan gaan we."

Waarom herhalen niet werkt

Als je iets voor de derde keer vraagt, hoort je kind vooral je toon. En omdat de toon elke keer scherper wordt, leert het iets anders dan je bedoelt: dat de eerste drie keer nog niet menens zijn.

Dat is geen manipulatie. Het is leren van een patroon dat wij zelf hebben aangelegd.

Drie dingen die wél helpen

Kondig de overgang aan, en doe dat niet in tijd maar in handelingen. “Nog vijf minuten” zegt een vierjarige niets. “Nog twee keer van de glijbaan, dan gaan we” wel.

Kom dichterbij voordat je iets vraagt. Een verzoek vanaf de andere kant van de kamer concurreert met alles wat er tussen jullie in zit. Op ooghoogte, met een hand op zijn arm, verandert er meer dan met welke formulering ook.

En geef één opdracht tegelijk. “Jas aan, schoenen aan en je tas pakken” is voor een klein kind geen rijtje maar een wolk.

Om deze week mee te beginnen

Kies één moment

1Kies één moment waarop het vaak misgaat — meestal de ochtend of bedtijd.
2Kondig de overgang aan in handelingen, niet in minuten.
3Loop erheen voordat je iets vraagt. Ooghoogte, korte zin.
4Merk op wat er verandert. Niet óf het lukt — wát er verandert.

Verwacht geen wonder. Verwacht wel dat je iets ziet wat je eerder niet zag.

De vraag die alles verschuift

“Waarom doet hij zo lastig?” is een vraag die naar een schuldige zoekt. Probeer eens: “Wat speelt er nu?”

Die vraag opent iets. En vaak zie je dan meteen iets anders — honger, moeheid, een dag met te veel prikkels, of gewoon een kind dat je even nodig heeft.

Nieuwsgierigheid is trouwens niet hetzelfde als goedkeuren. Je mag de vraag stellen en dan alsnog een grens houden.

Dit artikel is bedoeld ter informatie en vervangt geen medisch of psychologisch advies. Blijft het luisteren structureel moeizaam of maak je je zorgen over de ontwikkeling van je kind, bespreek dat dan met je huisarts of het consultatiebureau.

Başak Turfan

Pedagoog (BSc Universiteit Utrecht) en gecertificeerd in Mindfulness (MBCT). Begeleidt ouders in acht individuele sessies naar meer rust in het dagelijks ouderschap, vanuit haar praktijk in Eindhoven.

Bekijk het traject